Easter 2026, Morocco, Tetouan

TEtouan, 5-6 april 2026

Marokko heeft mijn hart gestolen. Ik was hier met kerst, daarna met de krokusvakantie en nu opnieuw, met Louise, Ella en Lux.

Marie-Lou kon er door omstandigheden spijtig genoeg niet bij zijn en we missen haar.

We landen in Tangier, na een nachtje in exotisch Charleroi, dat zijn faam alle eer aandoet. Ons appartementje in deze fiere stad ademt een bijna Indische sfeer uit. Geen compliment in deze. Anderzijds … het centrale winkelcomplex mag er zijn, weliswaar in fel contrast met de verloedering eromheen. Maar toegegeven, ik ken deze koningsstad niet.

Een vlucht van maar 3 uur, en toch een andere wereld. We huurden een auto (een Dacia Sandero, 6 dagen, 118 euro), en zetten meteen door naar Tetouan, op een klein anderhalf uurtje rijden. Het landschap wordt al snel heuvelachtig en verrassend frisgroen, de huizen vierkante kleurrijke blokken, aardbeiverkopers langs de weg. Mijn dames blazen Bad Bunny en Lorde door hun blue tooth speakertje.

We slapen in het oude stadsgedeelte, in Riad Dari. Een ‘driesterrenhotel’. As if. 🙂 Als je het niet hebt voor kleine kamers, die weliswaar uitgeven op een overdekte centrale patio, maar zonder vensters, en mogelijks met wakke muren en lakens, dan slaap je beter elders. Maar wij zijn er wel aan, aan deze charmante oude historische huizen, met ‘lambrisering’ van zellige tegels, een nauwe trap naar boven en een dakterras dat uitkijkt over ginds ver en daar beneden.

Tetouan, de ‘witte duif’, gelegen aan de voet van het Rifgebergte, pronkt met een prachtige, oude medina, waarvan de eerste steen zou gelegd zijn in 1492, toen Colombus de Amerika’s aandeed. Autovrij en omwald is het Unesco werelderfgoed en een echt labyrinth.

Maar toch slaag ik er niet in de monsters af te schudden. No rest for the wicked.

We hossen wat rond, proberen onze weg te vinden, komen uit bij het imposante koninklijk paleis – dat je niet kan bezoeken – laat staan op 100 meter kan benaderen. Het plein is altijd afgezet, 24/7 bewaakt door een paar stoïcijnse gendarmes.

Verderop, als de avond valt, komen de Marokkanen samen op Place el Feddan; de moeders en de vaders, de voetballertjes, de geliefden en ook de wiet-rokers en tsjolers, om te genieten van de zonsondergang. We drinken een mocktail in het poshe Dar Bomba, met zicht op het plein, alsof we naar een editie van Waar-is-Wally kijken. Zalig om te zien hoe men hier naar buiten komt om te lachen, te spelen, en te discussiëren over de staat van de wereld en waarschijnlijk ook over – dichter bij huis- die ene buurvrouw en gindse krenterige oom.

We wandelen en verwonderen ons, en de twee dagen dat we hier zijn, gaan in elkaar over, in de wirwar van steegjes vol, langs de terrassen gevuld met koffie- en theedrinkende mannen, langs de blik van de straatkatten, met het geklaagzang van de muezzin op de achtergrond, vrouwen gesluierd min of meer of totaal. Baclava, en verlaten maar nog steeds stinkende leerlooierijen, straatjes als rommelmarkten, vlees aan haken, en oude mannetjes als kabouters.

We lopen doorheen de medina, naar de noordzijde van Tetouan, en achter een openstaand hekken zien we tientallen mannen, die door enkele officials in uniform op een lijn geplaatst worden. Wat is dit? Een massa-arrestatie? Blij zien ze er niet uit …

Lost in translation.

Het is een begrafenis, legt één van de uniformen ons uit. Women not invited? We lopen behoedzaam verder en komen terecht op een van de meest imposante kerkhoven die ik ooit zag. Op de heuvel boven de stad, liggen stil meer dan 35.000 witte graven …

In de shaduw van het Rif, onder de snelschuivende wolken, de vruchten van appelsien- en olijfbomen, rusten moeders en vaders en dochters en zonen in stilte naast elkaar.

Ook mijn monsters zijn onder de indruk. Ze appreciëren het drama. De grote dood.

Ik vind het moeilijk om foto’s te kiezen. Dat laat ik graag aan u over.

Boven op de heuvel, naast enkele grotere tomben grazen schapen. Enkele vlijtige kerels gaan het eindeloze gevecht aan met het onkruid.

De kerels in uniform klimmen ook naar de heuveltop, om daar een andere begrafenis in goede banen te leiden. Denk ik. Of gaan ze ook stil genieten van het zicht over de stad?

One comment

Leave a Reply