Dikhuiden en tempels

De vijf dikhuiden liggen als moddervlekken in het rivierwater. Elke olifant heeft een  mahout, een personal trainer, en krijgt nu van hem een wasbeurt. We kijken van op de hangbrug, die toegang geeft tot het Elephant Training Center Chiang Dao. Het water in de rivier staat hoog en is bruin, het heeft veel geregend de laatste dagen. De monsters kijken hun ogen uit. Het is inderdaad een mooi gezicht, de kolossen beneden ons hebben iets sierlijks, zoals ze daar rollen en zich gewillig laten afschrobben. Na de   waterpret stappen ze statig, de grootste voorop, naar ‘the performance site’. Daar slepen ze met boomstammen en werken ze in team, onder leiding van de mahout, om het hout te stapelen. Ze doen nog wat kunstjes, aaargh, waar ik minder aan ben: een buiginkje, een hoed aangeven, en, ja, een schilderij maken. Best grappig om te zien hoe de olifant een landschap kladdert? Wat wordt de olifanten nu echt aangedaan? 

We eten in het ‘centrum’ van Chiang Dao, in een klein eethuisje waar organische producten van eigen boerderij verkocht worden. Super lekker is het er. Mijn eerste Tom Yam smaakt: de typische Thaise soep met citroenbladeren, gember, galangan en zeevruchten. Vanzelfsprekend was er wel even wat verwarring bij de bestelling.

Mai pet, zeg ik, met belerende vinger.

Mai pet? vraag de dienster.

Inderdaad, mai pet, herhaal ik resoluut. Niet pikant!

You want with seafood?

Yes, and not spicy.

Ze glimlacht. ‘Pet’ means ‘duck’. ‘PHet’ means ‘spicy’.  

Ach zo. Ik vraag dus al drie weken gerechten ‘zonder eend’.

Wouter neemt eend, met tamarindesaus. Sofie kiest een pad thai, altijd een veilige   optie, en de kindjes gaan voor een culinaire mengeling van fried noodles met vegetables,frietjes en macaroni met kaassaus.

In de namiddag slapen onze kleinste monsters, Fons de spons en Lux, en papa Wouter en papa Bas bezoeken met de rest van het klein grut Wat Tham Pha Plong,  oftewel the camping Site for Monks, vlakbij de grotten aan de basis van de derde hoogste berg van Thailand. Ooit onderwees hier een bekende monnik, en na zijn dood bouwden twaalf van zijn discipelen een indrukkende tempel ter zijner ere. You will not see any tourists there, vertelde Joachim me. En gelijk heeft hij. De trappen (500 treden, piece of cake) naar boven liggen er nat en verlaten bij, op de sporadische oranje geestelijke na. Het regent natuurlijk en we schuilen een paar keer in de paviljoentjes langs de kant van het pad. De wolken hangen laag en slierten mist dwalen tussen de palm- en loofbomen. Overal hangen bordjes met boeddhistische wijsheden over onthaasting, loslaten, lijden, en azo. Op de top staan een paar houten gebouwtjes, slaapplaatsen voor de bedevaarders, neem ik aan. Enkele monniken werken aan een overkapping boven de tempelingang. Vreemd om hen in hun gewaad op de stellingen te zien sleuren met golfplaten. Het heiligdom zelf doet voor mij niet echt mystiek aan, de beelden zijn nieuw en glimmend, maar het leeft, en de setting tegen de rotswand is imposant. Mooi. En ondanks de stortbuien heeft Marie-Lou niet geweend. Flink.

 

One Comment Add yours

  1. Martin Vanluchene says:

    Kroatische vrienden steken mij hier op Wifi en zo kan ik vanaf hier ook iets laten weten. Veel fietsen hebben we nog niet moeten doen wegens veel te warm en onveilige wegen…..Ik ben blij dat we veel ter sprake komen op jullie reis maar eerlijk gezegd, ik mis al die toffe jongens en meisjes ook hoor. Ongelooflijk toch hoe we in amper 10 maand die gasten zover krijgen en er nog plezier aan beleven ook…Vele groetjes en een dikke knuffel…ik stuur ook nog wat foto’s door van in de klas….Martin

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s