15 juli, Alchi
Een goede nacht – als je de nachtmerrie van Loubou over auto’s en vliegtuigen en doemgedachten erbij neemt. Lux en Sari wisselen rond middernacht van bed nadat Loutie in de gang volledig over haar toeren staat te schreeuwen dat ze niet dood wil en neen, ze is echt wakker! , maar het niet meer ziet zitten om nog de weg op te gaan omdat ze ervan overtuigd is dat dit haar doodsvonnis betekent … Ze huilt en is echt volledig over haar toeren. Uiteindelijk kalmeert ze enigszins, en vindt ze opnieuw haar bed, en Sari raakt pas om 3.30 in slaap. Het leven zoals het is on da road.
Na het ontbijt en een gesprek met Igor, de sympa Duitse yoga-leraar, die ik gisteren al ontmoette, rijden we naar Rizong-monqstery, volgens google maps op 15 minuten, wat er in realiteit meer dan 45 blijkt, inclusief monsters die het opnieuw in hun broek doen; diepe afgronden en het gebrek aan vangrails. Ze houden elkaars handjes vast, hopen dat ze aan de ‘goede kant van de auto zitten, en vloeken opnieuw op hun vader …

Rizong monastery

… aankomst in Rizong. Gebouwd rond 1800, en de stek van de peetvader van de ‘yellow caps’. Blijkbaar, zo vertelt een kerel die schilderijen restaureert in de bovenste gompa, zijn er 4 ‘sekten’ binnen het Boeddhisme. Naast de geelhoeden heb je de roodhoeden – oftewel de zonen van de draak (of zoiets, ik ga uit van de info die ik denk te begrijpen hier, de opperste waarheden vindt u online.), en nog twee andere takken, op wiens naam ik niet meer kan komen. Scusi.
Rizong is misschien niet ‘mooier’ dan de andere kloosters die we al zagen, maar de weg ernaartoe toe is ongelooflijk breath taking, en het voelt ‘echter’ aan, en tot nu toe mijn favoriet. Er zijn op zijn minst monniken die geen toezicht moeten houden, en een paar mini-monnikjes lopen joelend in het rond. Er is geen koffiebar, er zijn geen bordjes die aangeven of een trap naar boven of naar beneden leidt, er worden geen souvenirs verkocht.





We klimmen naar boven, en steken ons hoofd binnen in verschillende gompa’s.









In één van de assembly halls (waar de monniken komen bidden), is een team uit Leh schilderwerk aan het herstellen. Ik babbel met een van de kunstenaars, hij in perfect Engels. Hij wijst naar een wassen beeld, tussen de andere beelden: zie daar de peetvader van de ‘yellow caps’, die 3 jaar geleden de pijp aan Maarten gaf.




– ‘The Dalai Lama asked not to cremate him. So his body, mummified, is sitting inside the doll.’


Creepy shit.
-‘Who pays you?’, vraag ik.
– ‘ The monks.’ Hij lacht. ‘They are good sponsors.’
– ‘ And who pays the monks? The villagers?’
Hij glimlacht.
Tundup toont ons de weg naar de hoger gelegen plateaus in het klooster. Het is een labyrinth van gangen , kamers en achterkamertjes en trappen in beide richtingen. We landen op een dak … en daar … machtig! Een groepje monniken is twee kleutertjes aan het zegenen met mantra’s en rijst (?). ‘To be good students.’



-‘You want your children to be blessed? Now is okay!’
Luxie, Sari en Ella hebben een ander pad naar onze auto gekozen, so no blessing for them … Maar Loubou en Louise? Hun academisch pad is verzekerd, al hadden ze de slappe lach …



Tundup toont ons vervolgens de eeuwenoude keuken, opslagplaats en de hedendaagse eetzaal.




We doen nog een fotoshoot met een hip groepje monks op het dak. Het lijkt wel een boeddhistische boysband, hip, hipper, hipst.

We brengen nog een grappig bezoek aan het monnikschooltje op het gelijkvloers. Het is even zoeken, maar uiteindelijk vinden we een lokaaltje waar drie monnikjes les krijgen van een youtube-filmpje. Aan de deur van het klaslokaal hangt het uurrooster van de vakken die ze krijgen. Het dateert van 2022.



-‘Waar is jullie leraar’, vraag ik in perfect Hindi, ook al spreken ze hier Ladakhi.
-‘In Leh’, antwoordt de stoerste van de drie. Gelukkig mag hij volgens de class room rules niet schrijven op de muren van het klaslokaal. Stoer als hij is zou hij het anders zeker overal volkladden.
Gon-Nila-Phuk Cave Temples: The Saspol Caves
We lunchen in Saspol, een paar kilometer verderop, in het Cafe De Saspol. Alles is superlekker, behalve de pasta arrabbiata. I kid you not, men serveert hier pasta arrabbiata. Er zit een onbekend reukje aan. En onbekend is onbemind.


Een kilometer hoger, via een baantje dat me alweer de nodige verwensingen van de monsters oplevert, en terecht, dixit Sari, komen we bij de Saspol Caves. De weg is versperd door enkele rotsblokken die naar beneden gedonderd zijn, dus het is even stappen.


Maar waar is het pad naar de grotten?
Nu wordt het echt klimmen, naar de restanten van een fort daar boven en grotschilderingen van meer dan 1000 jaar oud. Alle monsters, angsthazen, uitgenomen Lux en daddy, haken af.












In de grotten vinden we een oude ‘stoof,’ veel cupcakes=equivalenten in steen, sjaaltjes, en inderdaad prachtige schilderingen. En dan zien we ook het pad dat we hadden moeten nemen …







Swimming pool?
De dag is nog niet voorbij. Hij eindigt hilarisch.
De monsters snakken naar een zwembad. En hoezee, blijkbaar is er eentje, via de monastery road naar beneden, vlakbij de brug. Maar daarover later meer.

Supermooi…maar andere schoenen voor Luxie zou toch wel beter zijn bij klimmen:)